Minister Marja van Bijsterveldt over “Wat is er aan de hand in Onderwijsland?”

“Daar moet je naar toe gaan” zei Ivo Opstelten tegen Marja van Bijsterveldt, toen ze hem vertelde uitgenodigd te zijn voor het Politiek Café in Nieuwegein, “dát is zo leuk”. En zo was de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen dinsdag 15 november onze zeer gewaardeerde gast in Green Village. Haar tijdelijk beperkte bewegingsvrijheid, ten gevolge van een ongelukje in Polen, hinderde haar echter geenszins in haar bevlogenheid en uitstraling.

Na de, aan het begin van de avond gebruikelijke ja/nee-stellingen, met een vrolijke beslistheid  doorlopen te hebben stapte ze vol energie met de heren gespreksleider de actualiteit in door op duidelijke wijze haar mening te geven over het recente incident op het Nieuwegeinse Anna van Rijncollege, waarbij een adjunct-directeur door de politie werd ingesloten. “Ik hecht ontzettend aan het gezag van een leraar” zei ze”dat komt voor mij op nummer één. Het overgrote deel bewijst dat ze het waard zijn.” Ook vindt ze dat ouders het respect voor de leraar te weinig uitdragen en zich te veel opstellen als consument. Ze is voorstander van het maken van niet-vrijblijvende afspraken met ouders aan het begin van het schooljaar. “De school is een gemeenschap van mensen, ouders dienen zich daar ook voor in te zetten.” Het leverde haar een warm applaus op.
Volgens Joost Kentson, rector van het Nieuwegeinse Oosterlicht college, probeert zijn school de dialoog tussen ouders en leerkrachten te bevorderen door het hanteren van een basisprotocol en een informatieplicht naar de ouders. “Maar je mag ook wat van de ouders zelf verwachten” vindt hij. Van Bijsterveldt was het geheel met hem eens. Ouders moeten tijd en energie investeren in hun kind en school en keuzes maken in de opvoeding. “Het leven is als een ontbijtbuffet” merkte ze op “je moet kiezen, want je kunt niet alles opeten”.

Ze onderschreef de zorg over de gebrekkige taal- en rekenvaardigheid bij middelbare scholieren en studenten, die gespreksleider Jan van Hoeflaken uitte en gaf aan daartoe al een scala aan maatregelen paraat te hebben. Zo gaat er in het gehele onderwijs meer en strenger getoetst worden en zullen eisen aangescherpt en strikter gehanteerd worden. “Ons onderwijs is van een hoog niveau” zei ze “maar helaas is dat wel dalende. Qua hoogbegaafdheid horen we zeker niet bij de top 10.” 
Herman Troost van de Verenigde Senioren Partij, die zichzelf omschreef als “nog van voor de oorlog” vroeg zich af of we niet terug moeten naar de tijd van voor de Mammoetwet, toen het stampen van feiten dé gevestigde manier van onderwijzen was. Van Bijsterveldt, tussen neus en lippen meegevend dat Troost er nog goed uitziet voor iemand van voor de oorlog, beaamde dat feitenkennis belangrijk is voor een goede basis en voor het creëren van de context waarin we leven.

Ze heeft ambitieuze plannen voor het onderwijs en die wil ze waarmaken ook. In 2013 moet het  “Passend Onderwijs” van start kan gaan. Een plan dat leerkrachten bijschoolt in vaardigheden in het speciaal onderwijs, zodat scholen een brede en gespecialiseerde basiszorg aan kunnen bieden.
Om excellentie bij leerkrachten te stimuleren worden vele miljoenen euro’s extra geïnvesteerd om hun carrièreverloop naar een hoger niveau te tillen. Doel is om leraren op te stuwen naar het niveau van Master. Van Bijsterveldt: “Leerkrachten werken dagelijks met de hersenen van onze kinderen, daar mag je wel in investeren.”  Ze denkt ook aan een prestatiebeloning voor lerarenteams die bovenmatige prestaties leveren en zelfs aan de titel “Leerkracht van Nederland”.
Met haar “Actieplan vakmensen” breekt ze een lans voor het beroepsonderwijs. Ze gelooft erg in deze vorm van onderwijs “mijn hart ligt er” en wil het graag aantrekkelijker maken door onder anderen de vierjarige opleiding naar drie jaar terug te brengen. Het regionale bedrijfsleven kan een belangrijke rol in de opleidingen spelen en de minister zou graag zien dat partijen met elkaar om de tafel gingen zitten. Ze juicht het initiatief van het Anthoniusziekenhuis om een hbo-opleiding op verpleegkundig gebied te realiseren  van harte toe.

Zoals door de geanimeerde sfeer vaker bij het Politiek Café voorkomt, moesten ook deze avond weer een aantal van de geplande gespreksonderwerpen blijven liggen. De minister wilde echter toch nog wel even kwijt dat ze erg onder de indruk was van de wijze waarop de heren gespreksleiders de bijeenkomst hadden geleid en het onderwerp hadden ontsloten.
Na afloop van het officiële gedeelte nam ze nog alle tijd om op openhartige wijze te spreken met  de aanwezige pers, studenten van de School voor de Journalistiek, plaatselijke partijgenoten en andere belangstellenden.

Tekst Olga Hansen
Foto’s Rob Rooijackers